176. Zijn beste beentje voorzetten

d.w.z. ‘zijn uiterste best doen om er iets goed af te brengen, inzonderheid om op anderen een goeden indruk te maken’. In de 18de eeuw: zijn beentje uitsteken (Ndl. Wdb. II, 1306) en ook het beste beentje vooruitsteken (in V. Janus III, 180, 204); vgl. het Friesch: it beste foetsje moat foar; Molema, 509 b: 't beste bijn mout veur (of veuran), alle krachten moeten worden ingespannen; Wander I, 1302: den bessten Fot vörsetten, das Beste zuerst; z.b. guten Wein; vgl. eng. to put one's best leg (foot) foremost (before).