1989. De jongste schepen velt (of wijst) het vonnis
Men bezigt dit spreekwoord ‘als jonge lieden of kinderen iets beter willen weten dan de ouden en hunne stem met gezag doen gelden’, dus, als zij het hoogste woord voeren. Het spreekwoord is vermoedelijk ontleend aan de gewoonte om den jongsten schepen het eerst zijne stem te doen uitbrengen, zooals voor alle rechterlijke collegiën en krijgsraden was voorgeschreven; ook in den schuttersraad stemde de schutter eerst en daarna de officieren naar hun opklimmenden rang. De jongste schepen velt het vonnis dus niet, doch spreekt het eerst zijn oordeel uit; heeft dit ‘gevolg’, stemmen de andere rechters hiermede in, dan wordt het zijne door de rechtbank uitgesproken. Ook in andere dan schepenen-gerechten heet hij, die het vonnis heeft voor te stellen, de ordelwijzer. Vgl. Cost. v. Rotterdam, a. 15, waar wordt medegedeeld: als de instructie in een crimineele zaak is afgeloopen, belegt de baljuw eene zitting, neemt conclusie ‘ende belast den jonxten schepen mit het vonnisse’ (d.w.z. met het voorstellen van een vonnis; Hooft, Brieven, 547; Huygens, Een wys Hovelingh, vs. 346; Sewel, 701: De jongste schepen spreekt het vonnis, the joungest justice pronounces the sentiment; W. Leevend II, 74; Taalk. Magazijn III, 474; Nieuwe Bijdr. voor Regtsgel. en Wetg. 1853, bl. 273-275 en Van Eijk II, Nal. 31.