2035. Het schuifje krijgen

in de biecht geen absolutie krijgen; eig. het schuifken zien toegaan, zonder dat de biechtvader de absolutie gegeven heeft; Harreb. II, 262 a: Hij krijgt het schuifje, dat is: hij wordt niet gehoord, maar ongetroost weggezonden. Algemeen in Zuid-Nederland: het schuifken geven, - krijgen (Schuermans, 605 b; Claes, 214; Rutten, 204; Waasch Idiot. 825; Antw. Idiot. 1098) naast het deurken krijgen (Rutten, 50 b; Teirl. 267; Antw. Idiot. 340; Schuermans, Bijv. 62 a), het vensterken krijgen (Waasch Idiot. 689 of een korf krijgen (De Bo2, 1223); de plank krijgen (Waasch Idiot. 821); den zak, den knol, den smouter krijgen (De Bo, 1417); fr. donner la planche.