808. Van hooger hand

d.i. van regeeringswege, van overheidswege. Hooger hand wil hier zeggen ‘de gestelde macht in den eenen of anderen harer hoogere of lagere vertegenwoordigers’; zie Halma, 203: Van hooger hand, bijw. wegens de hooge Overigheid; Ndl. Wdb. V, 1799; Schuermans, Bijv. 112 b; hd. von höherer, hoher Hand.